In module 1 leer je praten en schrijven over jezelf en je gezin. Je leert nieuwe woorden waarmee je mensen kunt beschrijven en kunt vertellen wat jullie samen doen, zoals kinderen opvoeden en klussen in huis.

Een huis is gewoon een stapel stenen. Thuis: dat is waar je hart is. In deze module leer je praten over je gezin en de dingen die jullie samen doen: het huishouden, verjaardagen vieren, samen klussen en de kinderen opvoeden.

Bij de grammatica staan de werkwoorden centraal: het vervoegen van regelmatige en onregelmatige werkwoorden en het gebruik van de gebiedende wijs. Het onderdeel studievaardigheid gaat over het gebruik van het woordenboek. Ook is er aandacht voor spelling en uitspraak.

In les 1 leer je nieuwe woorden over familie en trouwen en oefen je het vervoegen van regelmatige werkwoorden.

Les 2 gaat over de rolverdeling in huis: wie doet wat? Je leert nieuwe woorden en oefent met leesvaardigheid. Ook oefen je het vervoegen van onregelmatige werkwoorden.

In les 3 leer je familieleden beschrijven en praten over verhuizen.

Les 4 gaat over instructies. Je leert een instructie lezen en opdrachten geven (gebiedende wijs)

In les 5 leer je nieuwe woorden over het onderwerp klussen ook ga je verder met leren over instructies.

Les 6 gaat over opvoeden van kinderen en over het gebruik van een woordenboek.

Les 7 is een les over huisdieren.

In de laatste les van deze module, les 8 gaat het over verjaardagen. Ook wordt in deze les aandacht besteed aan de uitspraak van de stomme e in woorden die eindigen op -ig.

Onderwerpen in module 1:

  • Trouwen
  • Het huishouden
  • Verhuizen
  • Samen klussen
  • Kinderen opvoeden
  • Huisdieren
  • Verjaardagen

Grammatica:

  • tegenwoordige tijd: regelmatig en onregelmatig
  • een opdracht geven (gebiedende wijs)

Studievaardigheid:

  • het woordenboek

Uitspraak en spelling:

  • de stomme e in woorden die eindigen op -ig

OVERVIEW

Course Level
B1
Duration
0 days